Winterkinderen

Auteur(s): Gilbert Bordes, Ingrid Scholte-Eijkmans

Bindwijze: E-book: EPUB met watermerk

Ook verkrijgbaar als: Paperback

Schrijf een beoordeling

Levering via Boekenwereld.com

€ 9,99
Winter, 1943. Zes Franse kinderen zitten verborgen in een grot in de Pyreneeën.
Winter, 1943. Zes Franse kinderen zitten verborgen in een grot in de Pyreneeën. Ze moeten machteloos toezien hoe hun beschermers, die hen naar Spanje zouden helpen ontsnappen, worden gefusilleerd door SS'ers. Om te voorkomen dat de kinderen de weg terug vinden, blazen de Duitsers de hangbrug op, hun enige ontsnappingsroute naar het dal. De kinderen zitten als ratten in de val. Samen moeten ze kou, honger en wanhoop trotseren. Hun onderlinge verschillen in afkomst, geloof en karakter moeten ze opzij zetten om samen de weg naar de vrijheid te vinden.

Een aangrijpende roman over doorzettingsvermogen, vriendschap en de strijd om te overleven.

Gilbert Bordes (1948) was onderwijzer en journalist, voordat hij zich volledig aan het schrijven wijdde. Bordes is een vermaard auteur in Frankrijk; enkele van zijn romans werden verwerkt tot televisieseries.
 
ISBN 9789023996545
Subtitel Nee
Bindwijze E-book: EPUB met watermerk
Taal Nederlands
NUR code 342
Imprint Mozaiek
Leesvragen
Gespreksvragen
  1. De jongeren over wie het boek gaat zijn heel verschillend. Met wie kon u zich het beste identificeren? Waarom?
  2. Elk van de jongeren gaat op een andere manier met de levensbedreigende situatie om. Kies een gebeurtenis uit en bespreek hoe de kinderen reageren. Wat zegt dit over hun karakter?
  3. Alle personages veranderen door hun tijd in de bergen. Kies één of twee personages uit (of bespreek ze allemaal). Hoe ontwikkelt dit personage zich? Wat zijn belangrijke momenten die een verandering in gang zetten?
  4. Bespreek het volgende citaat: ‘Ze realiseren zich goed dat het ergste gevaar uit henzelf komt en dat ze niets hebben om zich daartegen te wapenen’ (p. 219). Wat vindt u hiervan? Zouden er manieren zijn waarop je je in een dergelijke situatie wel kunt verdedigen tegen het gevaar dat vanbinnen komt?
  5. Stel dat u zelf een van de kinderen was. Hoe denkt u dat u zou hebben gehandeld?
  6. Hoe zou u de schrijfstijl van de auteur typeren? Wat vindt u van deze manier van schrijven?
    In een bespreking wordt hier het volgende over gezegd: ‘De schrijfstijl van de auteur is indringend en eenvoudig tegelijk. In heldere bewoordingen omschrijft Bordes de uitzichtloze situatie waarin de kinderen zich bevinden. Soms schrijft de auteur iets te zakelijk en voel ik de emoties van de kinderen niet, op andere momenten raakt het verhaal me toch.’ (http://www.leestafel.info/boeken, geraadpleegd op 9-4-2015) Herkent u dat?
  7. Wat vond u de meest aangrijpende scène in het verhaal? Waarom?
  8. Christoffer en Jeanne gaan op zoek naar de geheime doorgang. Vindt u dat dapper of misschien juist heel dom? Waarom? Wat vindt u ervan dat ze weggingen zonder iets tegen de anderen te zeggen?
  9. Matthieu en Marie-Hélène voelen zich tot elkaar aangetrokken, evenals Jeanne en Christophe. Denkt u dat deze relaties ook mogelijk geweest waren als ze elkaar in een gemakkelijkere situatie hadden ontmoet? Waarom wel/niet?
  10. Wat is volgens u de belangrijkste boodschap of het hoofdthema van dit boek? Hoe wordt dat uitgewerkt?
Gespreksvragen
  1. De jongeren over wie het boek gaat zijn heel verschillend. Met wie kon u zich het beste identificeren? Waarom?
  2. Elk van de jongeren gaat op een andere manier met de levensbedreigende situatie om. Kies een gebeurtenis uit en bespreek hoe de kinderen reageren. Wat zegt dit over hun karakter?
  3. Alle personages veranderen door hun tijd in de bergen. Kies één of twee personages uit (of bespreek ze allemaal). Hoe ontwikkelt dit personage zich? Wat zijn belangrijke momenten die een verandering in gang zetten?
  4. Bespreek het volgende citaat: ‘Ze realiseren zich goed dat het ergste gevaar uit henzelf komt en dat ze niets hebben om zich daartegen te wapenen’ (p. 219). Wat vindt u hiervan? Zouden er manieren zijn waarop je je in een dergelijke situatie wel kunt verdedigen tegen het gevaar dat vanbinnen komt?
  5. Stel dat u zelf een van de kinderen was. Hoe denkt u dat u zou hebben gehandeld?
  6. Hoe zou u de schrijfstijl van de auteur typeren? Wat vindt u van deze manier van schrijven?
    In een bespreking wordt hier het volgende over gezegd: ‘De schrijfstijl van de auteur is indringend en eenvoudig tegelijk. In heldere bewoordingen omschrijft Bordes de uitzichtloze situatie waarin de kinderen zich bevinden. Soms schrijft de auteur iets te zakelijk en voel ik de emoties van de kinderen niet, op andere momenten raakt het verhaal me toch.’ (http://www.leestafel.info/boeken, geraadpleegd op 9-4-2015) Herkent u dat?
  7. Wat vond u de meest aangrijpende scène in het verhaal? Waarom?
  8. Christoffer en Jeanne gaan op zoek naar de geheime doorgang. Vindt u dat dapper of misschien juist heel dom? Waarom? Wat vindt u ervan dat ze weggingen zonder iets tegen de anderen te zeggen?
  9. Matthieu en Marie-Hélène voelen zich tot elkaar aangetrokken, evenals Jeanne en Christophe. Denkt u dat deze relaties ook mogelijk geweest waren als ze elkaar in een gemakkelijkere situatie hadden ontmoet? Waarom wel/niet?
  10. Wat is volgens u de belangrijkste boodschap of het hoofdthema van dit boek? Hoe wordt dat uitgewerkt?

Schrijf uw eigen beoordeling